Harry Potter en de geheime vier zuilen
Door Diederik Smilde -- De Harry Potter-serie is een van de grootste bestsellers van de laatste vijf jaar, en de eerste tekenen van een cult doemen al op. Bij de "Lord Mayor's Parade" in Norwich waren er maar liefst drie praalwagens versierd met personages en parafernalia rond Harry Potter. Collega's praten over Harry. Mijn nichtje heeft een Nimbus 2000 voor Sinterklaas gekregen, hetzelfde model vliegende bezem als Harry heeft. De auteur, J.K. Rowling, wordt achtervolgd door paperazzi. Haar vriend blijkt een ronde zonnebril te hebben, net als Harry, en haar naam wordt in de Britse roddelpers afgekort tot JKR. Kortom, Harry leeft!

Het succes van JKR is niet alleen een gevolg van goede marketing. Het is waar, boekhandels zien graag hoge stapels van hetzelfde boek in de winkel, en zijn graag bereid daar nog een schepje bovenop te doen. Maar dat hou je geen jaren vol als die boeken niet verkopen. Het geheim van het succes moet in de boeken zitten. Wat precies maakt die boeken zo goed?

Gerard Reve zegt in Zelf schrijver worden dat ieder boek rust op vier zuilen: woordkeus, stijl, compositie (plot), en conceptie (thema). Dit inzicht helpt mij bij het analyseren van Harry Potter deel twee, De Geheime Kamer.

Woordkeus
Eerst de woordkeus: het boek is doorspekt met een feestelijke overvloed van originele namen. De naam Harry Potter is zo'n beetje de enige uitzondering. Door hem de enige alledaagse naam in het hele boek te geven is hij meteen getekend als de wonderlijk gewone zonderling die hij in het verhaal is, en als de middelaar tussen de lezer en het boek, wat vooral voor kinderen van belang is. Kinderen hebben geen plezier in het lezen als ze zich niet met de hoofdpersoon kunnen vereenzelvigen.
Vrijwel alle andere namen zijn min of meer opzichtig geconstrueerd, en meestal geven klank of betekenis al aan welke oriëntatie -- goed of fout -- het karakter heeft. Maar het zijn vaak geen "speaking names", en dat houdt het spannend: Dumbledore is geen domoor, maar wel de goedheid zelve, en Lockhart is geen introvert, maar wel een nietsnut. Voor uitgesproken slechte karakters zijn de naam duidelijk omineus, zeker wanner je iets weet van potjeslatijn: Severus Snape is streng, Draco Malfoy is onbetrouwbaar en Voldemort is dodelijk. Tom Marvolo Riddle is een anagram, die een belangrijke rol speelt bij de ontknoping van de plot. Alle andere raadselachtige namen krijgen daardoor nog meer geheimzinnige lading.
De magische entourage van Hogwarts, Middelbare School voor Magische Kunsten, wordt opgeroepen door een leger van neologismen: er zijn toverspreuken (Expelliarmus!, Serpensortia!), artikelen zoals Polyjuice Potion, Boomslang Skin, Bicorn Horn, maar ook een meer alledaagse schoolmachinerie met O.W.L.'s (Ordinary Wizard Levels), schoolvakken als Toverdranken en Magiegeschiedenis, en een zeer termenrijke tak van sport, Quidditch, een soort handbal op heksenbezems, dat dezelfde emoties losmaakt als cricket of rugby op niet- magische Engelse kostscholen.
Afgezien van het neologistisch geweld is de woordkeus bijna gewild alledaags en sluit nauw aan bij de spreektaal van hedendaagse scholieren. Uitroepen als Phew! en Cool! en jargon zoals "Who asked him to grass Hagrid?" of populaire taal als "pep talk" worden vrijelijk gebruikt in de dialogen. Maar tegelijk worden "moeilijke woorde"' niet vermeden in de verhalende tekst: "a wizened wizard", "silver contraptions", "skittering through the crowd", "the Bludger pelted after him". Ja, zo schrijf je een kinderboek voor alle leeftijden.

Stijl
De stijl van het boek zou je "soft fantasy" kunnen noemen: een voor kinderen geschikte samensmelting van schelmenroman en kunstsprookje. Harry is een Pietje Bell in Wonderland, en/of Frodo op aarde.
Het is een jongensboek voor jongens en meisjes. Het is een jongensboek, omdat Harry nu eenmaal een jongen is, die zoals een jongen betaamt voor de duvel niet bang is. Maar het is ook voor meisjes, omdat er ook veel meisjes in voorkomen in dominante posities. De sfeer op school is die van een Engelse kostschool met eeuwenoude tradities, maar jongens en meisjes lopen wel door elkaar, zelfs bij de teamsport Quidditch, die toch veel ruwer is dan korfbal. De jongens- en meisjes-wc's zijn wel gescheiden, maar als de plot het vraagt moet Harry toch in de meiden-wc een belangrijke ontdekking doen. Niets wijst erop dat mannen en vrouwen andere maatschappelijke vooruitzichten, interesses of capaciteiten zouden kunnen hebben. Hiermee staat Harry Potter middenin het einde van de twintigste eeuw. (Die co-educatie op Hogwarts is waarschijnlijk al duizend jaar zo, want twee van de vier grondleggers waren vrouw.)
Veel personages zijn enigszins karikaturaal. De slechteriken zijn zo vastberaden en openlijk slecht dat je eigenlijk niet kan begrijpen dat de goeden -- onder wie de Bovenmeester Dumbledore -- gewoon met ze samenwerken als collega's. Anderzijds is Dumbledore zo goed en zo alwetend en vooral zo volstrekt redelijk in de opvoeding van zijn pupillen dat hij niet van deze wereld lijkt te zijn. Alleen slechte of domme leraren delen straffen uit, terwijl hij die alles weet ook alles vergeeft. Dumbledore is eigenlijke een moeder. Daartegenover staat dat de echte moeder van Ron Weasley het enige personage is dat in gerechtvaardigde toorn uitbarst.
Een apart geval in het lerarencorps is Lockhart. Zonder veel aan de plot bij te dragen is hij in het hele verhaal prominent aanwezig, om tenslotte ontmaskerd te worden. Zijn functie is het verhogen van de spanning, omdat niet duidelijk is of hij werkelijk aan de goede kant staat. Hij is de enige figuur wiens karakter niet plat is maar enigszins gelaagd: van buiten opgeblazen, van binnen lucht. En voor volwassenen schuilt er een mooi stukje satire in zijn grenzeloze populariteit bij vrouwen. Zou René Diekstra dan tóch buiten Nederland bekendheid genieten?

Plot
De plot van het verhaal is niet te ingewikkeld. Alles draait om het oplossen van een geheim. Ieder hoofdstuk breng de oplossing een stapje dichterbij, maar tegelijk wordt het geheim steeds groter. Uiteindelijk wordt het geheim inderdaad (vrijwel) opgelost in een goed voorbereide maar toch verrassende climax.
Er zijn geen plotloze beschrijvingen of flashbacks. Daardoor wordt het boek "unputdownable". De spelregels van het Quidditch balspel worden bijvoorbeeld uitgelegd in een dialoog van de tweedeklasser Harry met een onzekere brugklasser. En de duizendjarige geschiedenis van de school komt aan de orde in een spannende scène met brutale maar intelligente vragen tijdens de geschiedenisles.
De magische entourage van het verhaal schept enorm veel mogelijkheden voor verrassende ontwikkelingen. Bijna ieder hoofdstuk heeft zijn magische verrassing: vliegende auto's, toverspinnen, een dagboek dat terugschrijft, slangentaal, en nog veel meer. Het bestaan van die magische dubbelwereld is weliswaar voor Harry verrassend, maar voor zijn vriendjes volkomen vanzelfsprekend. JKR monteert zonder veel woorden een hele nieuwe wereld in de oude, door een beroep te doen op de kinderlijke ervaring dat in sommige gezinnen nu eenmaal heel andere dingen vanzelfsprekend zijn dan in andere. Het enige dat Harry nodig heeft om de magische wereld in te stappen is een onbewust vertrouwen in aardige volwassenen. Zo begint het verhaal; aan het eind wordt dat vertrouwen veel bewuster en redt het zijn leven.
De gevaren waarin Harry en co. verzeild raken zijn soms behoorlijk eng en levensbedreigend, maar echt doodgaan lijkt taboe. Dat is een begrijpelijke regel voor een kinderboek, maar JKR lijkt er plezier in te hebben om tot het randje te gaan: wat te denken van de geest van een dode die eerst de verjaardag van zijn overlijden viert en daarna "vermoord" wordt ? Anderen worden niet vermoord, maar verstenen voor de rest van het schooljaar. Het kleine beetje griezeligheid geeft een serieuze ondertoon aan het verhaal.

Thema
Het thema van de Harry Potter-serie is niet eenvoudig. Er is weliswaar een suggestie van een kosmisch drama op de achtergrond, met een eeuwige strijd van goed en kwaad, maar het hoe en waarom van die strijd blijft grotendeels in nevelen gehuld. Dat houdt het verhaal gaande, want Harry wordt vooral door nieuwsgierigheid gedreven, evenals de lezer, die zo gaat uitzien naar een vervolgboek. Maar ook is het een vingerwijzing dat JKR er zelf nog niet helemaal uit is. Aangezien de personages tamelijk plat zijn, ben je geneigd om ook dat kosmische zwartwit-schema met een korreltje zout te nemen: misschien is het niet meer dan een excuus voor iets anders?
Een meer verborgen thema is de invloed van school en ouders op de ontwikkeling van een kind. Zoals gezegd, Harry's kinderlijk vertrouwen op een goede autoriteit redt zijn leven, maar anderzijds schuilt er een kleine verlichter in hem die de schoolregels aan zijn laars lapt als hij het zaakje niet vertrouwt. Harry wordt omringd door goede en slechte opvoeders. Harry ontwikkelt zich echter nauwelijks.
Misschien is het diepste en meest verborgen thema van de Harry Potter boeken beperkter en draait alles slechts om de vraag: hoe schrijf je een origineel en eigentijds kinderboek? Het blijft spannend.


 
Epimedium

26 september 2001
Tekst © Diederik Smilde, Norwich